Talentbegeleiding - kindertalentenfluisteraar -Creanaut

Anders kijken. Op ontdekking in talenten en leren.

 

Lego. Dat hoor ik wel vaker bij Creanaut. Voor veel kinderen, het magische woord.

Het kan echter ook die ene nieuwe danspositie zijn in ballet.

Die nieuwe techniek aanleren. Wat met een spreekbeurt geven. 

Moeilijk. Te moeilijk. Ik hoor het wal vaker ‘Dit is moeilijk’. 

‘Ik ga dit nooit kunnen’.

Nog voor de Creanaut op verkenning is gegaan in de mogelijkheden ‘Ik kan dit niet’. 

Of wat meer verdoken ‘Dit is saai’. 

Angst. Het is vaak een vreemd beestje.

En dan zie je Creanauten. 

Oh! Een nieuwe doos Lego, spannend. Joepie. Eerst even ‘volgens het boekje’ het ding maken met het bijhorende plan. Nadien even de boel terug afbreken en freewheelen. Misschien kan ik deze blokjes wel combineren met een andere doos. Vertrokken.

Of ‘Eindelijk een nieuwe oefening in ballet, dan kan ik weer eens iets nieuws uitproberen’. Ook wel ‘ Dan kan ik deze beweging misschien koppelen aan die positie die ik vorig jaar al kon’. 

En deze ‘Ik heb het nog nooit gedaan, ik denk wel dat ik het kan. – Pippi Langkous.

Nieuwe dingen, geven steeds wel wat angst uiteraard. Hoe je kind ermee omgaat, dat is soms verschillend.


Enkele suggesties


1. Benoem het wroeten. Zie de kansen

Ik maak zelf weinig voorbereidingen of anders gezegd weinig voorbeeldjes. Enerzijds om de Creanauten niet te beïnvloeden in hun autonome route. Anderzijds om te tonen dat ook ik faal.
Toon aan je kinderen dat ook jij af en toe moet wroeten en ploeteren om iets nieuws te leren. En dat een uitdaging aangaan nu eenmaal lastig kan zijn, maar uiteindelijk ook nieuwe kansen maakt.

Zie jij de kansen van een nieuwe uitdaging? Geef dat gevoel van vertrouwen eens door aan je kind. Misschien kan je samen iets nieuws proberen?


2.  Stop met vergelijken. Of toch grotendeels.

Hoeveel had Stijn op die toets? Kijk naar Isabelle, zij kan het. 

Het is eenvoudiger gezegd dan gedaan, ik besef dat ook. En vaak ook met de beste bedoelingen. Wat ik hoorde als kind was ‘Ik durf het niet zo goed en Charlotte wel. Ik ben een loser’. 

Ik zei dus bijna stoppen met vergelijken. Je kan wel nog vergelijken met je kind zelf. Wat kon je Creanaut eerst nog niet, en nu wel. Kijk samen eens naar die leerkuil.

3. Benoem wat al goed ging, of gaat. 

Bekijk eens die hele grote leerkuil of anders gezegd de afgelegde leerweg. 

Het vorige punt, bracht mij hier naadloos. Ook hier dien ook ik nog op te oefenen. ‘Succes’, het is sowieso al een lastig begrip. Want wat is succes hebben, dat is voor iedereen, dus ook ieder kind, al anders. Maar laten we dit nog even parkeren, om het niet te moeilijk te maken.

Benoem de successen  (ook de kleine) van je kind. Zie ze, stip ze aan. Praat over die lange leerweg, die al werd afgelegd. Benoem dat er inderdaad een leerberg of kuil( het is maar hoe je het ziet) is. En merk op dat er gereedschap is om die hindernis te nemen.

Welk gereedschap dan?

4. De kracht van 1 woord ‘NOG’

Ik herneem even de zinnen uit de eerste paragraaf.

Ik kan dit NOG niet. Laten we samen oefenen. Laten we samen eens kijken naar welke tools je kan inzetten in het leerproces. Laten we kleine stapjes nemen, vertrekkend vanuit een succes.

 Benoem het als een weg, een wandeling door de bossen en de bergen, waar je hindernissen neemt. Soms heb je een kano nodig, soms een touw, dan weer een uitgestrekte hand. 

Of wat dan met je voeten schuin zetten en kleine stapjes nemen als je van een helling komt. 

Heb je dan soms pijnlijke tenen? Ja. Doen je kuiten dan soms pijn de dag nadien? Ja, dat ook. Het pad bewandelen, dat is er vaak een van vallen en opstaan.

5. Bekijk de gereedschapskist van je kind
Gereedschapskist? In die kist zitten onder andere de talenten van je kind. Een talent als iets wat je graag doet en wat je gemakkelijk kan. Het kost je amper moeite, zodat je het vaak zelf niet ziet. Ook ik heb iemand anders nodig om ze te zien en benoemen bij mezelf. 
 
. Een doordenker  bijvoorbeeld. Deze Creanaut heeft wat tijd nodig, voordat er actie wordt ondernomen. Geef die tijd. Doe samen eerst wat opzoekingswerk. Kijk eens naar de ontbrekende puzzelstukjes, voordat hij of zij aan een taak kan beginnen. Eerst is er inzicht nodig bijvoorbeeld in de werking van iets.
 
. De zinzoeker. Leg eens uit wat de zin is van iets te leren. Wat je Creanaut er nadien mee zou kunnen doen. Niet onbelangrijk als er om automatisatie wordt gevraagd bijvoorbeeld.
 
. De bewuste beweger. Je Creanaut houdt misschien van bewegen, van wiebelen of met de voeten bewegen. Laat dat doe, moedig het zelfs aan. Misschien kan je kind wel rondlopen in huis, wanneer er geleerd wordt. Stel de vragen terwijl je kind stapt door het huis, door de kamer, wiebelend op de stoel. Of ga eens samen wandelen buiten terwijl je het hebt over nieuwe leerstof (of eender welke leerkuil).
 
. De beeldorganisator. Deze komt ook vaak voor bij Creanauten. Bekijk samen eens welke beelden er bij een bepaalde leeropdracht helpend kunnen zijn of welk materiaal je kan inzetten.

. De grenzenverlegger. Verleg telkens eens de moeilijkheidsgraad. Niet te veel in een keer, dus niet te fanatiek. Maar af en toe eens een poging om te kijken tot waar de comfortzone zit en waar de stretch begint. Meet de grenzen die verlegd werden en bewonder ze eens samen. Op huiswerk geen fan van tijd, dat kan wel een optie zijn bij zwemmen (al is daar afstand ook wel interessant).
 
Wat nog een weg is om die gereedschapskist up to date te houden? Door je talenten in actie te zetten, zoals al die talenten dier hier bijvoorbeeld tijdens de verschillende opdrachten in actie schoten afgelopen zomer.
Ze maakten interessante constructies, werden uitgedaagd en ontspanden

Door te doen wat je graag doet, werk je als het ware aan een onderhoud van je tools.
 
 
 Benieuwd naar de talenten van je kind? Grasduin gerust even in het aanbod.
 
 

Artistiek labo    –   Groeilabo –   Talentenlabo

Terug naar alle blogberichten